LOPA
Het concept van beschermingslagen en een benadering om het aantal benodigde lagen te analyseren was voor het eerst gepubliceerd door het Center for Chemical Process Safety (CCPS). Vanuit die concepten hebben verschillende bedrijven interne procedures ontwikkeld voor Layer of Protection Analysis (LOPA).
LOPA is een semi-kwantitatieve risicoanalysetechniek die wordt toegepast na een kwalitatief gevaaridentificatietool zoals HAZOP. We beschrijven LOPA als semi-kwantitatief omdat de techniek gebruik maakt van cijfers en een numerieke risicoschatting genereert. De cijfers zijn echter dusdanig gekozen dat de faalkans conservatief ingeschat wordt. Meestal geeft dit een ordegrootte van nauwkeurigheid in plaats van de werkelijke prestaties van specifieke apparatuur. Het resultaat is conservatief bedoeld (een overschatting van het risico) en is meestal voldoende om de vereiste SIL voor de SIF’s te begrijpen. Als een vollediger of nauwkeuriger begrip van het risico nodig is, zijn meer rigoureuze kwantitatieve technieken voor handen, zoals foutenboomanalyse (Failure Mode Effect Analysis (FMEA)) of kwantitatieve risicoanalyse (Quantitative Risk Analysyis (QRA)).
LOPA begint met een ongewenst gevolg of consequentie van een gebeurtenis met milieu-, gezondheids-, veiligheid, zakelijke of economische gevolgen. Deze gevolgen worden meestal geïdentificeerd in een HAZOP.
De ernst van het gevolg wordt geschat met behulp van geschikte technieken, die kunnen variëren van eenvoudige “opzoektabellen” tot geavanceerde softwaretools voor het modelleren van de gevolgen (bezoek ook onze pagina van award winning safety lifecycle software aeShield).
Een of meer initiërende gebeurtenissen (oorzaken) kunnen leiden tot het gevolg. Elk oorzaak-gevolg paar noem je en scenario. LOPA richt zich op één scenario tegelijk. De frequentie van de initiërende gebeurtenis is geschat (meestal uit opzoektabellen of historische gegevens). Vervolgens wordt elke geïdentificeerde beveiliging geëvalueerd op twee belangrijke kenmerken:
• Is de safeguard effectief om te voorkomen dat het scenario de consequentie bereikt?
• EN, is de beveiliging onafhankelijk van de initiërende gebeurtenis en de andere IPL’s (onafhankelijke beschermingslagen)?
Als de beveiliging aan BEIDE tests voldoet, is het een IPL. LOPA schat de kans op de ongewenste consequentie in door de frequentie van de initiërende gebeurtenis te vermenigvuldigen met het product van de PFD’s voor de toegepaste IPL’s. Het kan zijn dat een verdere nuancering op het geschatte risico te rechtvaardigen is. Het kan bijvoorbeeld zo zijn dat een operator maar een deel van de tijd aanwezig is of dat er een andere conditie nodig is om het scenario te initiëren (enabling conditions en conditional modifiers).
LOPA

Wil je meer weten over LOPA en wat pro6com hierin voor jouw plant kan betekenen?
Veelgestelde vragen over LOPA
Pro6com ondersteunt organisaties bij het uitvoeren van LOPA-analyses als onderdeel van het bredere procesveiligheidsmanagement.
Daarbij kijken we niet alleen naar de berekeningen zelf, maar ook naar de samenhang tussen:
-
risicoanalyses zoals HAZOP
-
beschermlagen in het proces
-
engineering van veiligheidsfuncties
-
praktische uitvoerbaarheid in de installatie
Door deze elementen te combineren ontstaat een analyse die niet alleen theoretisch klopt, maar ook aansluit bij de realiteit van de installatie.
In de praktijk zien we dat LOPA-studies soms moeilijk uitvoerbaar worden doordat aannames niet duidelijk zijn vastgelegd of doordat beschermlagen niet volledig onafhankelijk zijn.
Veelvoorkomende knelpunten zijn bijvoorbeeld:
-
beschermlagen die afhankelijk blijken te zijn van dezelfde oorzaak
-
onvoldoende onderbouwde frequenties van scenario’s
-
onduidelijke definities van beschermlagen
-
inconsistentie tussen studie en daadwerkelijke installatie
Een zorgvuldige voorbereiding en duidelijke documentatie zijn daarom essentieel om een LOPA betrouwbaar en reproduceerbaar te maken.
Een LOPA wordt toegepast wanneer een kwalitatieve risicoanalyse niet voldoende detail geeft om te bepalen of een risico acceptabel is.
Dat is bijvoorbeeld het geval wanneer:
-
scenario’s potentieel ernstige gevolgen hebben
-
meerdere beschermlagen samenwerken om risico’s te beheersen
-
aanvullende risicoreductie nodig kan zijn
Door de risicoreductie van beschermlagen systematisch te analyseren ontstaat een beter onderbouwde beslissing over welke maatregelen nodig zijn.
Een Independent Protection Layer, of IPL, is een beschermlaag die zelfstandig kan ingrijpen om een risico te beperken.
Om als IPL te worden beschouwd moet een beschermlaag:
-
onafhankelijk zijn van de oorzaak van het scenario
-
betrouwbaar functioneren
-
aantoonbaar effectief zijn
-
niet afhankelijk zijn van andere beschermlagen
Voorbeelden van IPL’s kunnen zijn:
-
een veiligheidsklep
-
een instrumentele beveiligingsfunctie
-
een mechanische barrière
-
een alarmsysteem met operatoractie
Het correct identificeren en beoordelen van IPL’s is essentieel voor een betrouwbare LOPA-analyse.
Een HAZOP identificeert mogelijke afwijkingen in een proces en onderzoekt welke risico’s daarbij horen. Een LOPA gaat een stap verder. Deze methode beoordeelt of de aanwezige beschermlagen voldoende zijn om de geïdentificeerde risico’s te beheersen.
In eenvoudige termen:
-
HAZOP identificeert scenario’s
-
LOPA bepaalt of de beschermlagen voldoende risicoreductie leveren
Hiermee vormt LOPA een belangrijke schakel tussen risicoanalyse en de verdere uitwerking van veiligheidsmaatregelen.
Een Layer of Protection Analysis (LOPA) is een semikwantitatieve methode om te beoordelen of de aanwezige beschermlagen in een procesinstallatie voldoende zijn om risico’s te beheersen.
Na het identificeren van risico’s in een studie zoals een HAZOP wordt met een LOPA bepaald hoeveel risicoreductie nodig is om een scenario tot een acceptabel niveau terug te brengen.
Daarbij wordt gekeken naar:
-
de kans dat een procesafwijking optreedt
-
de mogelijke gevolgen
-
de effectiviteit van bestaande beschermlagen
Op basis van deze analyse wordt duidelijk of aanvullende maatregelen nodig zijn om het restrisico te verlagen.