SEVESO Inrichting
Werk je met gevaarlijke stoffen? dan val je mogelijk onder de seveso-wetgeving
Als je werkt met grote hoeveelheden gevaarlijke stoffen, dan kan jouw bedrijf een Seveso-inrichting zijn volgens de Europese Seveso-III richtlijn (2012/18/EU). Deze richtlijn is in Nederland vertaald naar nationale wetgeving via het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) en het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl), die per 2024 zijn ingevoerd onder de Omgevingswet.
De naam BRZO-bedrijf (Besluit Risico’s Zware Ongevallen) is daarmee vervangen door de term Seveso-inrichting, maar de inhoudelijke eisen blijven grotendeels gelijk. De naam Seveso verwijst naar een Italiaans stadje waar in 1976 een ernstig chemisch ongeval plaatsvond waarbij dioxine vrijkwam. Deze ramp vormde de aanleiding voor de Europese regelgeving die zware industriële ongevallen moet voorkomen.
Wat betekent dit voor jouw bedrijf?
Binnen de Seveso-wetgeving zijn twee drempelniveaus van toepassing, afhankelijk van de hoeveelheden gevaarlijke stoffen op je terrein:
-
Lagedrempelinrichting: je overschrijdt de lagere drempelwaarden zoals benoemd in bijlage I van de Seveso-III richtlijn.
-
Hogedrempelinrichting: je overschrijdt de hogere drempelwaarden van dezelfde bijlage.
Afhankelijk van de drempel die jouw inrichting overschrijdt, gelden er verschillende verplichtingen:
Voor lage-drempel-inrichtingen:
-
Je stelt een preventiebeleid zware ongevallen (PBZO) op.
-
Je implementeert een veiligheidsbeheerssysteem (VBS) waarmee je laat zien hoe je zware ongevallen voorkomt en de gevolgen ervan beperkt.
Voor hoge-drempel-inrichtingen:
-
Je stelt bovenop het PBZO en VBS ook een veiligheidsrapport op.
-
Je zorgt voor een interne noodplan en werkt mee aan het externe noodplan van de veiligheidsregio.
Waar komt pro6com in beeld?
Veel bedrijven worstelen met het zichtbaar maken van onzichtbare risico’s, het onderbouwen van de juiste veiligheidsmaatregelen en het optimaliseren van hun procesveiligheidsdocumentatie. Pro6com helpt je om vanuit de praktijk te voldoen aan alle eisen uit de Seveso-wetgeving, zonder in te leveren op efficiëntie of werkbaarheid. Dat doen we onder andere door:
-
Het uitvoeren van HAZOP- en LOPA-studies,
-
Het opstellen van Safety Requirement Specifications (SRS) en Cause & Effect-diagrammen,
-
Het ontwikkelen en valideren van testprocedures en onderhoudsstrategieën,
-
En door het digitaal beheren van je volledige safety lifecycle met tools als aeShield.

Wil je weten of jouw procesinstallatie onder de Seveso-wetgeving valt, of wil je toetsen of je huidige VBS nog voldoet? Neem contact met ons op. We denken graag met je mee.
Veelgestelde vragen over Seveso Inrichting
In de praktijk zien we vaak:
- verouderde HAZOP-studies
- LOPA’s zonder consistente IPL-onderbouwing
- onduidelijk eigenaarschap van SIF’s
- versnipperde documentatie
- onvoldoende inzicht in barrier performance
- MoC-processen die niet volledig zijn doorgevoerd
Het probleem is zelden gebrek aan inspanning. Het probleem is gebrek aan samenhang. Seveso vraagt om systeemdenken. En precies daar maken wij het verschil.
Het aantonen van risicobeheersing vraagt om samenhang.
Je moet kunnen laten zien:
- welke scenario’s zijn geïdentificeerd
- welke beschermlagen zijn gekozen
- waarom deze voldoende zijn
- hoe prestaties worden gemonitord
- hoe afwijkingen worden gecorrigeerd
Dat betekent:
studie → ontwerp → implementatie → monitoring → verbetering.
Wanneer die keten niet sluit, ontstaat discussie. Wij zorgen dat die keten technisch én organisatorisch klopt.
Een goede voorbereiding begint niet drie weken voor de inspectie. Het begint bij structurele borging.
Belangrijke vragen die wij vooraf stellen:
- Zijn HAZOP- en LOPA-studies actueel?
- Zijn SIF’s aantoonbaar getest volgens planning?
- Is bypassbeheer inzichtelijk?
- Zijn wijzigingen via MoC correct verwerkt?
- Kun je restrisico’s onderbouwen?
Een inspectie is geen momentopname. Het is een toets op systeemdenken. Wie zijn lifecycle op orde heeft, hoeft inspecties niet te vrezen.
Het verschil zit in de hoeveelheid en categorie gevaarlijke stoffen. Maar de impact zit in de verplichtingen.
Hoge-drempel inrichtingen moeten onder andere:
- een veiligheidsrapport opstellen
- uitgebreidere scenario-analyses uitvoeren
- strengere inspecties ondergaan
In beide gevallen geldt:
de technische onderbouwing van risico’s en beschermlagen moet kloppen. Een papieren systeem zonder technische consistentie houdt geen stand bij een kritische inspectie.
Een Seveso-inrichting moet aantonen dat zij:
- systematisch risico’s identificeert (bijvoorbeeld via HAZOP / LOPA)
- passende beschermlagen heeft ingericht
- een veiligheidsbeheerssysteem (VBS) toepast
- periodiek evalueert en actualiseert
- aantoonbaar compliant is
Belangrijker nog: je moet kunnen uitleggen waarom jouw beschermlagen voldoende zijn. Niet alleen dat ze bestaan. Daar zit in de praktijk vaak het verschil tussen voldoen en overtuigen.
Een bedrijf valt onder de Seveso-richtlijn wanneer het gevaarlijke stoffen opslaat of verwerkt boven vastgestelde drempelwaarden. Maar in de praktijk draait het niet alleen om hoeveelheden.
Het gaat om:
- type stoffen
- procescondities (druk, temperatuur, reactiviteit)
- mogelijke scenario’s
- domino-effecten
- omgevingsimpact
De classificatie is dus geen administratieve exercitie, maar een risicovraagstuk. Wij kijken daarom niet alleen naar de hoeveelheden, maar naar de onderliggende procesrisico’s. Dat voorkomt verrassingen bij inspecties.